Log in of maak een account aan.
Geschreven door Digna Verheul van praktijk Aandacht en groei. Digna schrijft fictief vanuit haar praktijk.
Kayla is moeder van Jayden (8). Jayden heeft een verstandelijke beperking en zit op het speciaal onderwijs. De school loopt niet mee met de avondvierdaagse, maar Jayden wilde heel graag samen met zijn nichtjes meedoen. En dus schrijft Kayla hem in voor zijn eerste avondvierdaagse.
Gelukkig regende het de eerste avond niet meteen bij de start, anders had ik m nooit mee naar buiten gekregen. Om ons heen stonden groepjes kinderen in dezelfde schoolshirts, begeleid door ouders en leerkrachten. Overal hoorde ik gelach, geroezemoes en het enthousiaste geklap van wandelschoenen op het asfalt. Wij hoorden nergens echt bij. Tenminste, niet bij een schoolgroep. Wij liepen gewoon samen. Mijn zoon, zijn twee nichtjes mijn schoonzus en ik. Maar Jayden heeft dat soort dingen helemaal niet in de gaten.
Hij stond trots naast me. Zijn beperking maakt veel dingen ingewikkelder dan voor andere kinderen. Wat voor de meeste kinderen vanzelfsprekend is, kost hem vaak extra energie, extra concentratie en soms ook een flinke dosis doorzettingsvermogen. Maar als je hem zag staan met zijn rugzakje op en een grote glimlach op zijn gezicht, zag je vooral een jongen die zin had om te wandelen.
Toch voelde ik wel spanning. Niet omdat ik niet in hem geloof, maar omdat ik wist hoeveel vermoeidheid en prikkels hem dit zou geven. Ik kreeg van sommige ouders op school ook wel een beetje commentaar. Ze zeiden niet letterlijk dat het zielig voor hem was, maar gaven wel aan dat de school niet voor niets niet mee doet en kinderen hun ritme nodig hebben.
Natuurlijk snap ik dat ook, maar ieder mens heeft toch ook het recht om af en toe even uit de band te springen. Ook mensen met een beperking dus. En zolang ik denk dat hij meer plezier heeft dan stress, mag hij lekker meedoen.
De eerste kilometers gingen geweldig. Zijn nichtjes kletsten aan één stuk door. Ze zongen liedjes, zochten naar bijzondere bloemen en telden honden alsof het een wedstrijd was. Jay deed overal enthousiast aan mee.
Af en toe keek ik naar hem. Naar hoe hij genoot. Niet van het lopen zelf misschien, maar van het erbij horen. Van samen iets doen. Van lachen met zijn nichtjes. Van de gezelligheid langs de route waar mensen zaten te zwaaien.
Voor veel mensen was het gewoon een avondwandeling. Voor hem was het een overwinning.
Halverwege zag ik de eerste tekenen van vermoeidheid. Zijn schouders zakten iets naar beneden. Hij werd stiller. Zijn stappen werden kleiner. Hij wilde niet rusten, dus liepen we verder. Langzamer. Rustiger. Op zijn tempo.
Zijn nichtjes pasten zich vanzelf aan. Geen geklaag, geen gehaast. Gewoon samen verder. Soms liep er eentje naast hem, soms pakten ze even zijn hand vast. Alsof het de normaalste zaak van de wereld was. Misschien was dat ook wel zo. Toen we uiteindelijk de finish bereikten, verscheen die glimlach weer. Breed. Stralend. Trots.
Hij had het gedaan. De tweede en derde avond zijn we niet gegaan. Maar de laatste avond natuurlijk wel. Ik heb niet gezegd dat we sommige avonden niet liepen, hij dacht gewoon dat het zo hoorde. Ik maakte foto’s terwijl hij tussen zijn nichtjes stond. Drie kinderen die glunderden alsof ze een marathon hadden gewonnen. En eerlijk gezegd voelde het ook een beetje zo.
Thuis was hij super actief, blij, boos, verdrietig. Alles kwam er even uit. Ik keek naar hem. Naar mijn kind die alles uit die avond had gehaald wat erin zat. Die had genoten, doorgezet en zichzelf had overtroffen. Daarna heeft hij heel lekker en lang geslapen.
Ik heb hem die vrijdag thuisgehouden van school. Even bijkomen, even nagenieten en even verwerken. Ik ben super trots op hem en op zijn nichtjes, die hem onderweg zonder nadenken meenamen in hun plezier.
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en ontvang maandelijks
de nieuwste inspirerende verhalen in je mailbox!