Wat als de driehoek ouder-kind-begeleiding uiteenvalt?

Stef, onze zoon met een verstandelijke beperking, gaat elke zaterdag naar de zorgboerderij. Hij heeft het daar erg naar zijn zin. En dat is heel fijn, ook voor ons. Want dan kunnen wij op zaterdag even ontspannen en aandacht geven aan de andere kinderen. We kunnen ontspannen omdat we alle vertrouwen in de zorgboerderij hebben. Tot een paar weken geleden bleek hoe broos dat vertrouwen is.

Op de zorgboerderij werkt een vast team aan begeleiders en er is veel direct contact. Ook tijdens de lockdown was de boerderij open. Niet de hele dag, maar Stef kon wel lekker even naar buiten met andere kinderen. ‘We moeten toch voor de dieren zorgen’, zeiden de begeleiders, ‘want die trekken zich niets aan van een lockdown. Dus dan kunnen de kinderen net zo goed mee helpen.’

Driehoek ouder-kind-begeleider

Ik las een tijd geleden over de driehoek ouder-kind-begeleider en dat beeld sprak me erg aan. Op de punt van de driehoek staat het kind. En onderaan de ouders en begeleiding die de twee hoeken van de basis van de driehoek vormen. Pas als ouders en begeleiders samen die basis kunnen zijn, kan het kind floreren. Zo’n driehoek vind ik een mooi beeld, met de zorgboerderij als voorbeeld dat het inderdaad zo werkt.

Toen ik Stef op een zaterdag ergens in juni aan het einde van de dag kwam halen en we - netjes op afstand - de dag doorspraken met zijn directe begeleider, kwam er een onbekend iemand bij staan. Ze stelde zich voor als de nieuwe leidinggevende. ‘Leuk om kennis te maken’, zeiden we en knikten beleefd naar elkaar. Zo’n ongemakkelijk moment omdat je eigenlijk graag een hand wilt geven.

Op onze gebruikelijke informele manier bespraken de vaste begeleider van Stef en ik wat zorgpunten. ‘Hoe reageert hij thuis op onverwachte momenten?’ vroeg hij. Ik antwoordde dat dat thuis ook lastig is en ter plekke bedachten we samen wat we kunnen doen om Stef beter te helpen. Ik stapte blij de auto in. Blij omdat ik nieuwe handvatten kreeg voor thuis en blij omdat ik de zorg voor Stef kon delen. We vormden samen de basis van de driehoek.

Bij de nieuwe leidinggevende voel ik me niet meer gehoord. En dat baart me zorgen.
Moeder van Stef

Maar langzaam veranderde die samenwerking. De gesprekjes bij het ophalen werden korter, we kregen alleen een terugkoppeling hoe het was gegaan. Naar onze mening werd niet meer gevraagd. Want zei de nieuwe leidinggevende: ‘U wilt toch weten hoe zijn dag is geweest?’

We hadden een voortgangsgesprek op haar kantoor. Na een half uur stond ik met een naar gevoel weer buiten. Was het gesprek nou over Stef gegaan of over de begeleiding? Mijn suggestie om samen na te denken hoe we Stef meer zelfstandigheid kunnen geven, was genegeerd.

Niet meer gehoord

‘Maakt u zich nou maar geen zorgen’, had de leidinggevende geantwoord. ‘Geniet maar lekker van uw vrije zaterdagen. Dan begeleiden wij Stef.’

Maar we maken ons sindsdien juist wel zorgen, want we voelen ons niet gehoord. Ontspannen op zaterdag lukt niet echt meer. Als Stef op de boerderij is, vraag ik me steeds vaker af wat hij daar doet en wie er naar hem omkijkt. Zeker nu zijn vaste begeleider liet vallen dat hij erover nadenkt om voor zichzelf te beginnen. We doen het niet meer samen, de basis van de driehoek is verdwenen. Ik heb voor volgende week een gesprek aangevraagd om erover te praten. Maar eerlijk gezegd heb ik ook al geïnformeerd bij die andere zorgboerderij een stuk verder weg.

Vrouw neutraal

Twijfel bij de begeleidng?

Ook zo je twijfel bij de begeleiding van je kind? Heb je behoefte om er met andere ouders over te praten, tips en tricks te horen hoe zij zulke gesprekken aanpakken? Geef je dan op voor een begeleid groepsgesprek.

Doe mij zo'n gesprek

Wat vind je van dit artikel?